Geprint vanhttps://tuinadvies.nl/artikels/vogels_herkennen:_kraaiachtigen

menu
Tuinadvies

https://tuinadvies.nl   /    zaterdag 29 januari 2022

Vogels herkennen: kraaiachtigen

We houden allemaal van de kleine schattige zangvogels in onze tuin maar de grotere soorten zijn vaak niet welkom. Kraaiachtigen worden aanzien als rovers en een bedreiging voor de kleintjes. Maar in vergelijking met andere problemen waar deze vogeltjes vaak mee te kampen krijgen, is de hinder van kraaiachtigen verwaarloosbaar. Een te nette tuin, gebrek aan nestplaatsen, het gebruik van bestrijdingsmiddelen en niet te onderschatten de impact van katten zijn de oorzaken waardoor de kleinere vogels het moeilijk hebben. 

Een groep kraaiachtigen in vlucht

Kraaiachtigen doen het goed en zeker kauwen die vaak in grote aantallen aanwezig zijn. In groep kunnen ze best wel brutaal zijn en voederplaatsen in geen tijd leeg plunderen want ze lusten zowat alles. Het zijn heel slimme vogels die zich snel aanpassen aan een nieuwe situatie. 

De grootste kraaiachtige is de raaf, een geheel zwarte vogel die opvalt door zijn lange en zware dolksnavel. Hij behoort tot één van de meest verstandige dieren op onze planeet maar de kans dat je een raaf te zien krijgt in de tuin is uiterst klein. In onze streken komt hij niet zo heel vaak voor. 

Hoe dan ook, kraaiachtigen helpen mee om het natuurlijk evenwicht in stand te houden en zijn onmisbaar in ons ecosysteem. Naast de raaf, kauw, ekster en gaai komen bij ons ook de zwarte kraai en roek voor. 

Kauw (Corbus monedula)

Kauwen leven in grote groepen met een duidelijke sociale structuur. Ze zijn intelligent, luidruchtig en paartjes blijven voor het leven samen. Ze leven vooral in stedelijke gebieden waar ze grote schade kunnen aanrichten. Hun nesten bouwen ze vaak in schoorstenen en die kunnen gigantische proporties aannemen. Een metalen rooster over de schouwopening leggen kan brand en ander onheil voorkomen. Hiernaast gebruiken ze ook boomholtes, oude nesten of nemen ze een nest(kast) van een bosuil of een specht in beslag.

Kauw (Corbus monedula)Hoe kan je de kauw herkennen?

  • Hij is 30 tot 34 cm groot, kleiner dan zijn zwarte soortgenoten.
  • Vrouwtjes en mannetjes zijn gelijkend. Hun verenkleed is niet volledig zwart maar eerder donkergrijs. Hun achterhoofd is zilvergrijs en ze hebben een contrasterend glanzend zwart petje. Zijn snavel is zwart, kort en scherp.
  • Zijn ogen zijn opvallend met een lichte iris.
  • Hun geluid klinkt schel als 'kia' of 'kieaw'.

Wat eet de kauw?

Kauwen zijn alleseters en zijn totaal niet kieskeurig. Ze eten insecten, wormen, slakken, spinnen maar soms ook muizen of kadavers, noten en zaden, bessen en fruit. Ze doen zich te goed aan zowat alle etensresten. In de winter komen ze massaal af op voedertafels en doen ze er alles aan om hun portie te bemachtigen. De kauwen het lastig maken en het voedsel niet zomaar te grijpen leggen met behulp van een beschermkooi, kan overlast voorkomen. In de winter vind je ze ook op het platteland waar ze op zoek gaan naar oogstresten.

Gaai (Garullus glandarius)

De letterlijke vertaling van zijn wetenschappelijke naam, Garallus glandarius is 'babbelzieke eikelzoeker'. Deze opvallende vogel, vroeger Vlaamse gaai genoemd, verstopt elke herfst tot duizenden eikels en beukennootjes in de grond als voorraad voor de winter. Zo helpt hij onrechtstreeks mee met het bouwen van bossen want de vruchten die in de grond blijven zitten, kunnen uitgroeien tot bomen. Het is een schuwe vogel die doorgaans in loofbossen of in parken leeft. Hij verraadt zijn aanwezigheid vaak door zijn opvallende roep. In de winter zoeken ze ook voedsel in tuinen.

Gaai (Garullus glandarius)Hoe kan je de gaai herkennen?

  • Hij is 33 tot 36 cm groot.
  • Vrouwtjes en mannetjes zijn gelijkend. Hun verenkleed is bont gekleurd met een doorgaans grijsbruin lichaam met een roze tint. Ze hebben een zwarte snor en staart, een witte kin en een opvallend lichtblauw vleugelveld met een fijn patroon. Hun witte stuit valt op in vlucht. Hun donkere snavel is stevig en fors.
  • Zijn geluid is gevarieerd maar doorgaans schrapend en schreeuwend 'kaaa'. Hij is ook in staat om andere vogels te imiteren zoals het geluid van een buizerd. In het bos fungeert zijn roep als alarm voor andere vogels, zo weten ze dat er gevaar dreigt en dat ze best beschutting zoeken.

Wat eet de gaai?

In de lente en zomer voeden ze zich voornamelijk met insecten zoals kevers maar ze stelen ook eieren en lusten zelfs een jong zangvogeltje. In de herfst leggen ze een wintervoorraad aan voor het geval de voedselvoorraad in de vrije natuur uitgeput raakt. Tot dan schakelt hij over op bessen en vruchten zoals lijsterbes, bramen en kersen. Ze laten zich ook zien op voederplaatsen waar bessen en pindanoten te rapen vallen.

Ekster (Pica pica)

Eksters staan bekend om de grote, warrige nesten die ze hoog in bomen bouwen, vaak in de vork van een tak. Een wirwar van twijgjes wordt versterkt met aarde en klei. Je ziet de vogel vooral in de buurt van stedelijke gebieden, in parken, rond akkers maar ook in de buurt van tuinen. Je ziet ze minder in dichte bossen maar ook plekken waar geen bomen staan worden gemeden. Hij is steeds behoedzaam en zit vaak in paren samen. In het voorjaar gaan ze soms het gevecht aan met hun spiegelbeeld in ramen wat schade kan veroorzaken. Ze doen dit om hun zogezegde concurrent uit te schakelen. Door het spiegelbeeld weg te nemen, kan je dit probleem verhelpen.

Ekster (Pica pica)Hoe kan je de ekster herkennen?

  • Hij is 42 tot 50 cm groot.
  • Mannetjes en vrouwtjes zijn gelijkend. Hun verenkleed is hoofdzakelijk zwart met een witte buik en wit veld op de vleugels. Zijn zwarte staart is lang en wigvormig en heeft een bijzondere groenblauwe metallic glans. Zijn snavel is donker en spits. 
  • Zijn geluid klinkt krassend en snel 'tsjaka-tsjaka-tsjaka' maar net zoals de gaai is hij in staat om geluiden van andere vogels na te doen. 

Wat eet de ekster?

De ekster eet zowaar alles. In het voorjaar vooral kevers, emelten, engerlingen en veldmuizen maar ook karkassen van dode dieren. Je ziet ze ook vaak in de composthoop of tussen vuilnis waar ze zich te goed doen aan allerlei etensresten. Ze roven ook eieren of jonge vogels en hagedissen en dan voornamelijk om aan hun eigen jongen te geven. Ze eten ook bessen en zaden op de voedertafel. Bied het voeder aan op verschillende plekken in de tuin en maak gebruik van beschermkooien om de kans te verkleinen dat ze met al het voedsel gaan lopen. 





#5978

Auteur: Inge
Redactie Tuinadvies