menu
Tuinadvies

https://tuinadvies.nl   /    woensdag 17 april 2024

Soorten duiven in de tuin

Wie kent niet het bekende "koerende geluid" van duiven? Maar wist je dat de meeste duiven vaak verkeerd worden benoemd? Er zijn eigenlijk vijf veelvoorkomende duivensoorten, elk met hun eigen unieke kenmerken. Dus om ze allemaal simpelweg "bosduif" te noemen is niet helemaal juist. Laten we daarom eens wat beter kijken naar deze vijf soorten.

Soorten duiven

Houtduif (Columba palumbus)

HoutduifDe houtduif is een duif die veel voorkomt in België en Nederland. Ondanks hun gestalte en gewicht van zo'n 500 gram, zijn ze behoorlijk snel en wendbaar. Je vindt ze vaak in parken, bossen en tuinen waar ze rommelige nesten bouwen, soms zelfs op en rond gebouwen. Meestal zijn ze op de grond op zoek naar voedsel. Ze voeden zich voornamelijk met allerhande zaden, bessen, insecten (wormen), bladeren van kolen en andere oogstresten. Ze kunnen ook maïskorrels eten wat niet veel andere soorten lukt.

Houtduiven leggen doorgaans maar 2 à 3 eieren, en het komt vaak voor dat een ei sneuvelt vanwege het slordige nest dat bestaat uit takken. De duif herken je aan de witte vlek in de hals en een roze kleur op de borst. Als ze vliegen, zijn de witte markeringen op hun vleugels goed zichtbaar. Zo kan je de houtduif goed onderscheiden van de stadsduif.

Bij het opvliegen klappen ze de vleugels boven en onder het lichaam tegen elkaar waarbij ze nogal wat kabaal kunnen maken. 

Holenduif (Columba oenas)

HolenduifMet een lengte van 33 cm is deze duif kleiner dan de houtduif, die ongeveer 41 tot 45 cm groot is. Ze hebben voornamelijk een blauwgrijs verenkleed met een glanzende groene vlek in de hals, wat kenmerkend is voor deze soort. In tegenstelling tot de houtduif heeft hij geen witte strepen, maar twee zwarte strepen op de bovenvleugels en een brede zwarte eindband aan de staart.

Deze duif is het jaar door te vinden in onze contreien, voornamelijk in de buurt van akkers, weilanden en parken. Deze soort wordt soms verward met de stadsduif. Zijn naam heeft hij te danken aan de manier waarop hij zijn nest maakt, namelijk in boomholtes, nestkasten voor bosuilen, verlaten nesten van spechten en soms konijneholen. Jaarlijks zijn er 2 of 3 legsels met meestal 2 eieren.

Op hun menu staan zaden en andere plantdelen. In de winter pikken ze ook uitgestrooide zonnebloempitten op het gazon. Door zonnebloempitten in jouw tuin uit te strooien kan je de holenduif helpen.

Rotsduif of stadsduif (Columba livia)

StadsduifDe stadsduif is eigenlijk de gedomesticeerde variant van de rotsduif. Deze duif staat ook bekend als de tamme duif, omdat deze al lange tijd al huisduif wordt gehouden, zowel voor het fokken en consumeren als voor het gebruik als lokduif bij de jacht. Ze leven in grote groepen en kunnen gebouwen vervuilen en voor overlast zorgen.

Hun verenkleed is erg variabel, met een kleur lijkend op die van hun voorvader tot volledig witte exemplaren. De stadsduif is niet erg groot of zwaar; een volwassen exemplaar weegt tussen de 200 en 280 gram en heeft een lengte van ongeveer 32 cm. Hoewel de echte rotsduif minder vaak voorkomt bij ons, zijn stadsduiven veel algemener. Terwijl de oorspronkelijke soort voornamelijk op steile kliffen leeft, is zijn afstammeling veelvuldig te zien in de Benelux.

Stadsduiven broeden bijna het hele jaar door met 2 tot 4 legsels per jaar. Doorgaans leggen ze 2 eieren in een slordig nest, vaak op harde ondergronden. Ze hebben een voorkeur voor donkere ruimten. Ze lusten graag zaden maar in stedelijke omgevingen zijn dit ook vaak voedselresten uit zwerfafval.

Turkse tortel (Streptopelia decaocto) 

Turkse tortelDe Turkse tortel heeft nog niet zo lang geleden zijn intrede gemaakt in onze streken. De eerste waarnemingen in Nederland dateren van eind de jaren veertig. Enkele jaren later werden ze ook in België gespot, met name in Knokke. Oorspronkelijk kwam deze soort voor van Klein-Azië tot in India, Zuid-China en Korea.

Deze duif, die vrij licht is met een gewicht van ongeveer 200 gram, heeft een bruingrijze kleur. Een opvallend kenmerk is het donkere streepje met wit in de nek dat pas op latere leeftijd tevoorschijn komt. De staart van de duif is vrij slank maar relatief lang, waardoor hij een elegante uitstraling heeft. Zijn donkerrode iris contrasteert sterk met de egaalgrijze kop. Tijdens het vliegen valt de witte staartzoom goed op.

De Turkse tortel is inmiddels te vinden in bijna heel Europa. Op hun menu staan voornamelijk zaden en granen. Je vindt de duif in de buurt van gebouwen, en ze bezoeken ook tuinen op zoek naar voedsel. In de kippenren pikken ze graag een graantje mee, het liefst vanop de grond. Ze brengen jaarlijks drie tot zes broedsels groot.

Zomertortel (Streptopelia turtur)

ZomertortelDe zomertortel is relatief klein in vergelijking met andere duiven, met een volwassen lengte van ongeveer 25 cm. Je herkent hem vooral aan zijn prachtige schubbenpatroon op de vleugels en de opvallende zwartblauwe tekening in de nek. Het is de mooiste duif die je bij ons kunt vinden! Ondanks dat deze vogel vrij schuw is, verraadt hij zijn aanwezigheid met zijn herkenbare roep. 

Het is een trekvogel die de winter doorbrengt in zuidelijke streken, maar in de zomer kun je ze vinden in België en Nederland. Helaas neemt hun aantal door de intensieve landbouw, sterk af. Ook ingrijpende veranderingen in de Afrikaanse overwinteringsgebieden zorgen ervoor dat er minder jongen groot worden. In bepaalde landen wordt er ook nog gejaagd op deze prachtige vogel. Al deze oorzaken zorgen ervoor dat de vogel bedreigd is en op de Rode Lijst van bedreigde diersoorten staat.

De zomertortel wordt soms verward met de Turkse tortel, vooral omdat deze duif in de jaren vijftig ook gewoon tortelduif werd genoemd. Hij houdt van rommelige plekjes en akkers die niet onkruidvrij zijn. Daar gaat hij op zoek naar zaden om zijn jongen te voeren. In het voorjaar staat varkensgras en vogelmuur op het menu. In de buurt van zijn voedselbron bouwt hij zijn nest in het dichte struikgewas.

#3277Inge

Auteur: Inge
Redactie Tuinadvies

Terug naar boven icoon